golf geslagen tussen gespartel

duiken als een kwallebabbel naar de bodem zonder plicht beestjes zwemmen in zonnestralen zonder de lulverhalen van groen is klater, blauw zijnde golven, spierwit is ’t hoop papier die hier voor mij stapelt op de honderden bureaus op een gammele tak met oeh een uil in oerlelijken droom roept dat ie tot de hier zit […]

hou me eens tegen

je weet dats ik niet kan kijkt me geleegden ogen neemt mijn hand in jou blijf, blijf, blijf voorgoed weg, weg, is weg van mij minuten gelijk op jaren schoonheid tikt verstild laat harten oneven leven ga, ga, gaat dan nog maar leef, leef, leef wat ge wild je dood mijn goeden tijd vertrouwen geeft […]

laat me vallen

ga weg alleen goh is onderonsgedompeld in de ongeziende niemand zo dringt hier ook of die staat of te trappelen de spits glijdt langzaam iets ijskou en van me af zoals mensen je verwijderen hun voorwerpen geheel en dal het vertrouwend, loop ik spitzen dans en wals sukkelig – zonder een klapband de ogen nooit […]

gekriskrastalliseerde gestaltes

als ieders wereld schoongeveegd op zo is een ijskoud maniere dat slechts rillend ik verschrompel naar tot waar kleurfestijn en mooi je gedacht ophaal aan warme, openboeiende vrouwen altijd goed verborgen zolang ze zijn gloeiende, verschrijnend terwijl het tere sikkel weinig licht geeft op gevederd gestaltes doemt er langzaamaan een vuurroder beeld in ochtendkwaken zie […]

aan de boswanden

was het al weertje wie tijden veels te terug, dat hier ik binnenfliep in de zonvergotene warmtesnik van een goedzo doorweekt gedag overal dus plus liepen echt angstige, leipe gedrochtjes te buitelen deed of ze me wel niet door zagen, en sliep mijne gat in de uwe dag werd me er toch heen en te […]

de weegte

van alles was er wat je op te merken viel pakte het op en de ruimte vervulde zich al werelds bollen hielden het mensen vast ze waren tevreden dikst met hun zwaart hun ingewijst boosheid sierde de wandjes het luchtledige bijna viel niet te behappen volledig uit de droger tuimelden ze rond de bodem in […]

zo heel verlaten

weer gaan we es ervandoor in achteropgezeten tijdenniemand die schijnt te merken in ’t ondergaan van zonbidstoelen op het terras ze stormen over gevelde gras natuurwezens laten zich al die maanden niet nu meerhoe of vogels och zwaaien met vleugels bij vetbollekestot je de maan vol zakt door geserveerde kalig bestaan vroeger nog hadden we […]